Willem Meester

Schijnbaar zit het antwoord in mij

Singaporezen uit Londen

Vier Singaporezen in het kleine stadje Schagen. Studenten uit de sierlijke stad Londen. Voor een nachtje, werd ons huis, hun hotel. Singaporezen uit Londen, wat een combinatie. Een beetje zoals Holleeder op vrije voeten, ook zo bijzonder.

Wij schreven ons in voor Airbnb en gingen naar de nieuwste Marvel. Voordat de post-credits scenes verschenen was het huis vier keer verhuurd. Klaarblijkelijk zagen wij de instellingen over het hoofd. Ieder kon direct reserveren en afrekenen. Naast de studenten reserveerden: een Italiaans gezin met twee honden – mijn vrouw is allergisch, zes Hongaarse vrouwen van in de dertig, een groepje Fransen. Kortom een Airbnb ontgroening eerste klas.

Het kost honderd dollar wanneer je annuleert. Er zat niks anders op dan het te accepteren en er het beste van te maken. Het idee: mensen in ons stulpje; wakkert iets aan. Mijn vrouw verandert in een taxateur van de plaatselijke woningbouw, corrupt en kritisch. Plotseling mankeert er van alles, niets komt door de keuring. Dus het huis op de kop. Lichten repareren (stel je voor dat er een Fransman van de trap bonjourt), verven, opruimen, verplaatsen, inrichten, zwoegen, zweten, schelden, noem maar op. Een ware volksverhuizing. Ik aan het klussen, en daar bak ik natuurlijk niks van. Al die moeite voor het oordeel van volk dat ik een paar lullige minuten in mijn leven ga zien.

De dag van ontgroening breekt aan. Een salade van ongemakkelijke gevoelens vult mijn buik. Ik blijf bij het gevoel. Immers een gelegenheid om te voelen. In ongemak ligt de kans om te groeien. Het gevoel verandert. Het gaat van: beer op de weg, naar kans tot ontmoeting. Ik neem mij voor de studenten met koud bier te ontvangen. Puntje bij paaltje vind ik het veel te spannend. Wat nou als ze op huizenslopers lijken? Je weet het maar nooit met die Singaporezen, helemaal niet bij Singaporezen uit Londen, laat staan bij Singaporezen uit Londen die studeren. Dan zou ik ze de hand schudden en lachen als een boer met kiespijn. Een waterval van oordelen. En ik sta er onder.

Het werd de makkelijke weg. De: ik stuur wel een appje methode. Een foto van de sleutel en hupsakee. Ik lig op een flinterdun matje in een kamer van mijn ouderlijke huis. Waar ik als tiener vreemde dingen op de muur schreef, in seksblaadjes keek, besmuikt The Fugees luisterde terwijl ik het uiterlijk van een skinhead droeg. Toen al dat innerlijk conflict. Ik droom van mijn keuze om te appen en wordt acht uur lang geconfronteerd met mijn goesting voor de gemakkelijke weg, met mijn laffe houding. In de droom zit ik in de gevangenis. Nooit meer zou ik in contact komen met vreemde mensen. Ieder bezoek uur komen mijn ouders langs en zeggen ze hetzelfde:

‘Droog jij jezelf wel goed af?’
‘Ja mam.’
‘Ook tussen je tenen?’
‘Ja pap.’

Bezweet, met pijn in mijn rug word ik om 06.50 uur wakker van een appje.

‘Thank you for your stay, we left the key at the same place 👍’

Eenmaal thuis, het huis op een paar zwarte haren en een vreemd luchtje na, als vanouds.

Ik koos voor het appje in plaats van de handdruk. Ondertussen draagt het huis weer ons luchtje. Het enige wat ik mij nog afvraag is wie die vreemde mannen waren, die in mijn bed sliepen.

Ondertussen is er een boek verschenen. Het poëziealbum van een schatzoeker, memoires van een vader, meester en idealist. Je kunt het hier bestellen.