Willem Meester

Schijnbaar zit het antwoord in mij

De paarse hangplant

Over de weg rijdt een auto met het raam open. Er hangt een arm in de zon. De weg ademt troebelheid uit en lijkt op de binnenkant van een Finse sauna. Het is een dag in de lente welke voelt als een zomerse. Er zijn vandaag geen sombere mensen.

Ik ging met een duidelijk doel richting de stad. Er was tegenzin. Iedere minuut uit de zonovergoten tuin, verwijderd van twee meisjes en een blije moeder in bad, is er één teveel.

Soms ontkom je er niet aan. Als een dief in de nacht sluipt het woord stiekem je vocabulaire in. Dan kaapt ‘moeten’ het schip dat de koers van het gesprek vaart.

Het is zaterdagmiddag. Iedereen draagt de zon in het gezicht en dat staat ze verdomde goed. Ook bij mij ontstaat er een moment van gelukzaligheid. De vitamine D vibe wint het vandaag van Westers ongeluk.

Door al dat fijne gevoel, raak ik enthousiast. Ik weet helemaal niet hoe ik daar mee om hoor te gaan, baldadigheid loert om de hoek. Er wordt oogcontact gemaakt, mensen krijgen een groet en een vriend ontvangt van mij een schouderklopje.

Het is een kort oppervlakkig contact. De controle ligt als een volgeladen afstandsbediening in mijn hand. Aan diepgang heb ik momenteel geen behoefte.

Echter, er is geen ontsnappen aan.

In de rij bij de kassa word ik ingesloten. Vriendschap neemt het van mij over en aan voor- en achterzijde staan mensen. Achter mij, mijn vriend, die mij nogmaals groet. Ik reageer en check zijn boodschappen.

Appels, peren, nog meer fruitachtigen, komkommers, kikkererwtensmeersel met citroensmaak en nog wat artikelen waarvan ik de namen niet meer weet, worden op de band gelegd, de meeste biologisch. Ikzelf reken een sixpack 0.0 af.

De sociale drempel die vaak zo torenhoog lijkt, voelt vandaag als een zielige plint in een stoffig hoekje. Ik heb geen ladder nodig en stap er met gemak overheen.

Tijdens het inpakken van de boodschappen praat ik ongegeneerd over hardlopen. Die biologische producten doen mij heel even vergeten dat al die vitamine D van de maand augustus, wellicht wel helemaal niet thuishoort in het jongere broertje april.

We lopen voorbij de winkelkarren, loempiakraam, langs de parkeerplaats de zon tegemoet. Plotseling is daar een bloemenzaak en ontkiemt er een idee.

“Zin om te wachten? Ik ga wat pluspunten scoren bij mijn vrouw.”

Mijn biologische vriend wacht. Hij draagt in beide armen een tas. Links van papier, rechts van plastic.

“Wat wil je vandaag schat?” vraag ik hem. “Je verdient het allermooiste. Laten we die maar doen.”

Ik wijs een paars boeket aan, ter grootte van een winkelkar.

Er wordt gereageerd: “Je weet toch dat ik een hekel aan paars heb. Godverdomme dit flik je me iedere keer.”

We lachen wat ongemakkelijk en ik reken af met plastic. Dat het de duurste bos van het kraampje is, doet mij oprecht, helemaal niks. En dat vind ik heerlijk. Even wat extra zuurstof onder de druk van het kapitalisme.

Dit is precies de reden waarom ik nog geen miljonair ben.

Wanneer we aanstalten maken om de wandeltocht weer in gang te zetten, geeft één van de bloemisten, mijn vriend een cadeau.

“Hier, omdat je zo van paars houdt.”

Tussen zijn armen wordt een paarse hangplant geplant. Al die warmte van de dag, heeft de plant met metalen behuizing niet goed gedaan.

“Ken je dat?” vraag ik mijn vriend terwijl we verder lopen.

“Ik weet oprecht niet meer met welk doel ik van huis ging. Er was tegenzin en nu lach ik terwijl ik mijn handen vol heb met boodschappen.”

“Ach ja. Je gaat heen voor een pak melk, maar je komt ‘s nachts met de vrouw van een ander dronken thuis.”

“Ja, zoiets ja.”

Bij de Action weet ik het weer. Onze wegen scheiden. Hij loopt met twee winkeltassen, plus de treurige paarse hangplant richting huis. Ik sla rechtsaf, richting een winkel die ik normaal liever niet binnen ga, maar wel de bedoeling was van deze tocht.

Er worden voor moederdag schildersdoeken aangeschaft en met een nog vollere bepakking stap ik richting het voertuig. Onderweg lach ik, alleen, hardop om het onderonsje.

Op het dak van mijn auto staat een paarse hangplant. Moederziel alleen, zonder doel in de zon.

Ondertussen is er een boek verschenen. Het poëziealbum van een schatzoeker, memories van een vader, meester en idealist. Je kunt het hier bestellen.