Willem Meester

Valt, staat op, leert en deelt. 

De zoektocht naar jezelf

In het verleden van mijn leven kwam ik ooit in contact met een man die werkzaam was in de vruchtenteelt. Hij teelde geen bananen of watermeloenen. Hij was verantwoordelijk voor een speciaal soort vrucht. Een vrucht dat zo verboden was, zelfs de fruitvliegen konden er niet bij.

Wanneer je zijn vruchten at, verdween al je ontevredenheid, al je onrust en al je wensen altijd maar meer te willen.

Iedere zaterdagochtend stond de kale man op de markt en verkocht hij zijn producten. Er stonden rijen met mensen vanuit allerlei omstreken te wachten tot ze tevreden naar huis konden gaan.

Ooit stond ik in die rij. Mijn wekker ging, ik zat vastberaden op mijn fiets, terwijl de ochtend zijn werk deed. Onderweg trotseerde ik obstakels; ik vocht met buurvrouwen; plakte drie keer mijn band en werd bevuild door een meeuw, dit nam ik voor lief, want ook ik moest een verboden vrucht nuttigen.

Schatzoeker aan het werk..

Eenmaal in de rij, raakte ik in gesprek. ¨Als ik van een vrucht kan genieten hoop ik weer van mijn vrouw te kunnen houden,´ zei mijn buurman uit de rij. Terwijl ik hem een goedkeurende blik gaf, bekeek ik hem van top tot teen. Ook hij had onderweg gevochten met een buurvrouw, want hij zat onder de suiker, schoonmaakmiddel en schrammen.

Uren streken voorbij. Dichterbij de kraam zag ik de mensen die naar buiten kwamen, De daarnet nog sombere figuren kwamen nu opgewekt en glimlachend naar buiten.

Eindelijk zou mijn zoektocht voorbij zijn. Het antwoord op al mijn levensvragen was binnen hand- en mond bereik. Nog een dozijn aan losse klinkers voor mij en ik zou aan de beurt zijn.

Mijn buurman stond na twee minuten met een tevreden blik weer buiten. Ik was aan de buurt en stapte de kraam binnen. Ik genoot van het geluid dat mijn voeten met de losse klinkers maakte. In de kraam was het donker, ik stootte mijn teen en het enige wat ik zag, was de man met een grote spiegel naast hem.

De spanning gierde door mijn lijf, wetende dat ik straks verder kon. Ik kreeg een appel in mijn hand geduwd. Het leek op een doodnormale Elstar, waar de wormen en het appeltaart beslag wel raad mee wisten. Ik at de appel. Blijkbaar zag de teler mijn frustratie, zonder dat ik erom vroeg opende hij zijn mond:

“ Kijk in de spiegel en eet de verboden vrucht.’’

Ik keek in de spiegel, at verder en zag niets anders dan mijzelf. Doordat ik te lang op de appel kauwde, kreeg ik het niet meer weg en bleef ik kauwen.

Weer sloeg de frustratie toe en voelde de kale man dit haarfijn aan.

“ Kijk in de spiegel, kijk jezelf recht in je ogen aan.”

Terwijl ik de opdracht uitvoerde, begreep ik de boodschap. Ik bedankte de man en vervolgde mijn weg. Onderweg naar huis, werd mij duidelijk dat al die tijd het antwoord, niet zat in het eten van de vrucht. Het antwoord zat in mij.